Alleenstaand mama

Ken je dat gevoel? Dat je alles, maar dan ook écht alles overhebt voor dat kleine (of inmiddels misschien al grote) wezen dat zo’n beetje je hele hart in handen heeft?
Maar wat als ik nu zeg dat “alles” soms te weinig is? Dat juist door alles te geven, er uiteindelijk te weinig van jou overblijft?

Huh, denk je nu misschien.

Omdat alles geven niet betekent:

  • Over je eigen grenzen gaan.

  • Jezelf kleiner maken.

  • Pijn doorslikken zodat je kind die niet hoeft te voelen.

  • Je kind koste wat het kost beschermen tegen alles.

En toch doen we dat vaak. Onbewust, in de kleine dingen.

Als alleenstaande mama krijg je daar nog een extra laag bij: de energie die je kind(eren) meebrengen van de andere ouder, of zelfs van andere mensen. Je moet leren omgaan met die energie én met de communicatie tussen jou en de andere ouder. Soms verloopt dat vlot, soms helemaal niet. Maar zelfs als het goed lijkt te gaan, stel jezelf dan even de vraag: Wat moet ík doen om die communicatie soepel te houden? Wat offer ik op? Waar verlaag ik mezelf, en waarom?

(Laat het onderscheid even los tussen natuurlijk menselijk aanpassingsvermogen en jezelf verliezen in de situatie.)

In die dynamiek zijn we geneigd om ons kind boven alles en iedereen te plaatsen, ook boven onszelf. Maar de vraag is: hoe doe je dat? Plaats je je kind boven je eigen behoeftes omdat je ze wilt zien, veiligheid wilt bieden, en ze hun ruimte wilt geven om te zijn wie ze zijn? Of doe je het vanuit angst: angst dat ze pijn zullen ervaren?

Het verschil tussen die twee is groot. Want het ene vertrekt vanuit liefde, het andere vanuit angst.

Wanneer we handelen vanuit liefde – de liefde die we diep in onszelf voelen – geven we niet alleen ons kind, maar ook onszelf de ruimte om te dragen wat er is, zonder verwachtingen. Die verwachtingen, hoe goed bedoeld ook, kunnen een onbewuste druk leggen: dat ze gelukkig moeten zijn, omdat wij weten hoe diep pijn kan gaan. We willen ze koste wat kost sparen. Maar juist daardoor nemen we hen een stuk veiligheid af.

We leren ze dat zonder onze bescherming ze onveilig zijn. Dat ze niet weerbaar genoeg zijn om pijn te dragen. Dat zonder ons, er geen liefde is. Maar liefde is loslaten. Liefde is een veilige hechting, waarin angst ons niet van koers doet veranderen.

Dat begint vaak bij de kleine dingen. Zoals afspraken met de andere ouder. Stel: je hebt heldere afspraken gemaakt, maar plots vraagt die ouder of jij kunt inspringen, omdat hij/zij geen tijd heeft. Natuurlijk zeg je meteen: “Ja, natuurlijk!” Want het liefst heb je je kind elke dag bij jou. En toch… had je misschien net tijd voor jezelf ingepland. Of voel je je schuldig als je die tijd voor jezelf opeist.

Stop even.

Wat gebeurt er als je altijd “ja” zegt? Wat leert die andere ouder (of wat leert je kind)? Hoe voel jij je daarna? Wat laat je telkens vallen? Je grenzen? Je behoeftes? Wat betekent dat voor jou?

Of stel: je kind gaat naar een plek die niet helemaal volgens jouw normen is, maar hen ook niet echt schaadt. Misschien maakt die situatie je zorgen. Die machteloosheid om hen niet te kunnen beschermen, dat is pijnlijk. Maar wat geef je hen als ze merken dat jij je zorgen maakt? Ze ervaren jouw ongerustheid, jouw onzekerheid, en dat ondermijnt het vertrouwen dat zij nodig hebben.

Vertrouwen dat ze goed zijn. Dat ze het aankunnen. Dat jij vertrouwen hebt in hén en in jezelf.

Hiermee zeg ik niet dat je ze zomaar moet blootstellen aan ongezonde situaties. Absoluut niet. Maar je hoeft ook niet alles te controleren. Want wat levensbedreigend aanvoelt, is vaak datgene wat wij als kind zelf niet konden dragen – die pijn die we nooit hebben doorvoeld.

Maar nu? Nu ben jij volwassen. Nu kún je die veiligheid creëren, in jezelf én voor hen.

Dit is wat ik mezelf telkens voorhoud om uit de overlevingsmodus te stappen:

  • Als je kind één persoon heeft waar het zich veilig, gezien en geliefd voelt, kan dat hun hele leven veranderen.Het hoeft niet perfect te zijn. Die ene veilige basis is genoeg om vertrouwen en kracht te bouwen.

  • Je kunt pas een ander écht graag zien als je jezelf graag ziet. Dat is niet even zeggen “het komt wel goed,” maar een diepe aanvaarding van wie je bent – inclusief je fouten, je minder mooie kanten, en je kracht.

  • Je hoeft het niet alleen te doen. Een ondersteunende gemeenschap van andere vrouwen of mama’s kan wonderen doen. Je gehoord en gezien voelen is helend.

  • Elke dag terugkeren naar jezelf is levensnoodzakelijk. Zonder afleiding voelen wat je voelt, met diepe aanvaarding. Voor mij helpt meditatie en Kundalini yoga enorm om bewust te worden van patronen en die stap voor stap los te laten.

Als alleenstaande mama is dit extra uitdagend. Je doet het vaak alleen, in een maatschappij die gericht is op competitie in plaats van op elkaar dragen. Maar je hoeft het niet alleen te doen.

Jij bent al genoeg. Zo puur. Zo schoon.

Liefs,
Anand Jasjot

Previous
Previous

Breathing & Balancing

Next
Next

Space 8.4.8 - Een nieuw begin